Archief
Artikelen

In de Vrij Nederland van 28 september 2013 staat een lang artikel over Robert Hörchner en zijn partner Annelies Pijnenborg. Dat artikel bevat een groot aantal feiten die meer licht werpen op de zaak Hörchner. In het artikel staan echter ook foutjes, zoals bij voorbeeld dat Hörchner een textielbedrijfje had. Hörchner was eigenaar directeur van Clip Confectie, een bedrijf met een omzet van 2 tot 3 miljoen gulden per jaar, dat hij eigenhandig had opgebouwd. In een gehuurde bedrijfshal in Den Bosch stonden snijtafels van 30 m lang, waterpas gesteld, en daar boven hingen de kabels voor de elektrische snijders. Op de tweede verdieping waren langs de wand de kantoren gevestigd en de orders gingen over 10.000 mantelpakken en zo. Het was een bloeiend bedrijf!

In zijn vrije tijd deed Hörchner graag aan spannende sporten, zoals parachute springen, vliegen, bungy jumpen, duiken en met zijn speedboot varen. In VN staan daar ook foto’s van. Hij is twee maal jeugdkampioen schermen geweest, rookt niet en drinkt matig, maar dat staat niet in VN. Hörchner was altijd kerngezond en ijzersterk. De enige smet op zijn blazoen was dat hij in 1992 een vriend wilde helpen met het smokkelen van 42 kilo hasj. Voor het geld hoefde hij het absoluut niet te doen, maar Hörchner doet veel voor vrienden en in hasj zag men toen nog geen kwaad. De bende werd echter reeds in de gaten gehouden door de politie en Hörchner werd in 1994 veroordeeld tot 225 uur taakstraf. Dat staat ook gewoon in zijn strafdossier.

Eind jaren ’90 was Hörchner bezig om zijn bedrijf te verplaatsen naar Polen. Dat vergt een grote investering, zowel in tijd als in kapitaal. Annelies werkte toen nog voor Clip, o.a. als chauffeur met groot rijbewijs. Uit de openingsfoto in VN blijkt dat ze er samen goed van konden leven! Vervolgens kwam er een XTC-bende voorbij die zich op 13 november 1999 op slinkse wijze toegang verschafte tot de leegstaande bedrijfshal. Zij hoopten daar te blijven tot 1 december, maar toen Annelies op 16 november iets bij Clip wilde halen, trof ze daar onbekende mannen aan. Zij belde Robert die in Polen zat, deze kwam terug en zei op 24 november: “Er uit, jullie! En wel onmiddellijk!” De XTC-bende werd reeds sinds maart afgeluisterd. Op 25 november deed de politie in alle vroegte een inval bij Clip. Daar was op dat moment niemand aanwezig.

Begin 2000, dus ruim een maand later, werden de verdachten opgepakt. VN schrijft: “Tot verbazing van Hörchner en Pijnenborg stond de politie ook bij hen op de stoep.” Op 31 januari vroeg men Annelies om even naar het politiebureau te komen. Daar werd zij onverwacht ingesloten, terwijl haar twee schoolgaande dochters van niets wisten! Politieman Cees van Doorn belde Hörchner die in Polen zat. Hij zei hem dat Annelies vast zat en dat hij onmiddellijk naar Nederland moest komen. Hörchner werd gearresteerd. Hij zou de bedrijfshal tegen betaling aan de XTC-bende hebben verhuurd! Het bewijs zou bestaan uit een telefoongesprek tussen de meubelfabrikanten Hartings en Van Veen, maar Hörchner wist van niets. Hij had hen de sleutels van Clip gegeven om de laatste snijtafel te demonteren, die hij aan hen had verkocht. Na drie dagen weigerde de onderzoeksrechter om het voorarrest te verlengen, waarop men Hörchner toch nog vier dagen (illegaal!) vasthield. Zeven dagen lang werd hij verhoord, ten slotte beriep hij zich op zijn zwijgrecht.

In september 2002 werden zowel Hörchner als Pijnenborg gedagvaard. Openbaar aanklager Theo de Jong verweet hen dat ze naïef waren geweest en bracht de veroordeling tot een taakstraf uit 1994 in als bewijs van Hörchners criminele verleden. Ook lag er een rechtshulpverzoek vanuit Polen uit 2000, waarin werd gevraagd om informatie over Hörchner, dit in verband met een wiet-plantage. Dat verzoek uit Polen zal later nog een rol spelen. Beide zaken hadden echter niets te maken met de XTC-zaak, waarin alle bewijs van schuld of betrokkenheid van Hörchner en Pijnenborg ontbrak. Annelies werd onmiddellijk vrijgesproken en ook Robert werd VRIJgesproken!!! Intussen stonden de kranten bol van de criminele handel en wandel van Hörchner & partner. De klanten van Clip lieten het afweten en Clip werd opgeheven. Het OM ging intussen in hoger beroep, maar in 2003 volgde opnieuw een onomwonden VRIJspraak!!!

VN: “Volgens Hörchner had hij persoonlijk en zakelijk veel schade geleden door die aanblijvende verdenking.” Volgens mij ook, want Clip was opgeheven wegens gebrek aan klanten. Hörchner en Pijnenborg waren hun broodwinning kwijt! Daarop besloten zij om schadevergoeding te vragen wegens onrechtmatige daad van de Staat, te weten onterechte strafrechtelijke vervolging. Dat is een civiele procedure en die loopt nog steeds.

Hörchner ontdekte al snel dat er van het tapgesprek tussen Hartings en Van Veen, waarop de valse beschuldiging gebaseerd was, twee verschillende versies in omloop waren: een van inspecteur Melis de Jager en een andere van het hoofd van de tapkamer André Van Rooy. Minstens een van de twee is dus vals! Hörchner deed daarop aangifte wegens valsheid in geschrifte, die werd geseponeerd. In 2003 probeerde hij in een art. 12 procedure toch vervolging af te dwingen. VN schrijft: “Het Hof oordeelde in maart 2004 weliswaar dat er verschillende versies van de telefoontap waren (…), maar de rechters zagen geen bewijs dat de rechercheurs de uitwerking bewust hadden gemanipuleerd.” Deze heren mogen dus straffeloos manipuleren, zolang ze het maar niet bewust doen! Besef wel, dat op dezelfde valse tap zowel Hartings als Van Veen werd vervolgd. Hartings is in hoger beroep vrijgesproken, Van Veen niet. Ook hun meubelbedrijf is ter ziele, beide mannen zijn door het OM geruïneerd!

Hörchner vroeg daarop naar een kopie van dat gesprek. Dan kon hij zelf horen wat er gezegd werd. Justitie weigerde, op grond van de privacy van Hartings en Van Veen. Daarop stapte Hörchner naar Hartings en Van Veen. Zij vroegen het gesprek op en Justitie had geen smoes meer om hen af te schepen. Zo kreeg Hörchner begin 2007 het tapgesprek eindelijk in handen. Toen bleek dat BEIDE tapverslagen onjuist waren. Op 19 maart 2007 werd Hörchner aangehouden op basis van een EAB uit Polen! Het ging om een wietplantage die in april 2000 was ontdekt in het dorp Osielko. Dit Poolse EAB was al in mei 2006 bij de Nederlandse justitie ingediend, dus voor het geval Hörchner te lastig zou worden, hield men een Pools EAB achter de hand. En zodra Hörchner in Polen zat, maakte PR de Vries hem volkomen zwart!

De manier waarop het EAB tot stand kwam, blijkt ook opvallend. Het gaat om een wietplantage uit 2000, met een huurcontract dat op naam stond van een zekere ROBERTA HARSCHNERA. Op de dag dat dit contract in Polen werd getekend, op 17 juli 1999, bevond Hörchner zich bewijsbaar in Nederland. De rechtbank oordeelde echter op 26 juni 2007 dat hij dat bewijs maar in Polen moest overleggen! Met de hoofdverdachte in die wietzaak, Janus Urbanski, had Hörchner in Polen zaken gedaan, maar in november ’99 had hij die relatie verbroken. Ook kende hij Jeroen van den Oort uit Vught, die ook Urbanski kende. Uit alles blijkt dat Jeroen v.d. O. de identiteit van Hörchner had gestolen! Hij is echter nooit vervolgd en VN, die hem zocht voor wederhoor, kon hem niet vinden.

VN schrijft: “Ondanks de ontlastende feiten in de Poolse strafzaak werd Hörchner toch veroordeeld. In juli 2008 kon hij de gevangenis verlaten tegen betaling van een borgsom. Bij terugkeer in Nederland werd bij hem onder meer schurft en ringworm vastgesteld, gevolg van de barre omstandigheden waaronder hij was gehuisvest.” Zeg dat wel! Hörchner zat met 8 man in een krappe cel, waaronder twee ernstige psychopaten!

Terug in Nederland bleek dat de Nederlandse rechercheurs die betrokken waren bij het onderzoek naar de XTC-zaak, ook een rol hadden gespeeld in de Poolse zaak. Nadat de wietplantage in Osielsko was ontdekt, kreeg Urbanski ruzie met twee Nederlandse betrokkenen, de broers Peter en Toon van Os. Het ging over geld dat was geïnvesteerd in die wietplantage. Dat conflict liep uit de hand en de broers werden ontvoerd door handlangers van Urbanski, waarna ze werden bevrijd door de Poolse politie, die de zaak ging onderzoeken. VN schrijft: “Een van de Nederlandse politiemensen die in april 2000 te hulp was geschoten, was Cees van Doorn, die kort daarvoor als teamleider het onderzoek had gedaan naar Hörchner in de XTC-zaak. In beide gevallen was officier van justitie Theo de Jong coördinator namens het OM.”

Cees van Doorn heeft Toon van Os op 20 juli 2000 in Polen ondervraagd, maar niet over de ontvoeringszaak. Van Os werd ondervraagd in verband met de wietkwekerij. Er kan ook geen rechtshulpverzoek hebben gelegen, want daarvoor was het belang te klein. Van Os en Hörchner kenden elkaar nauwelijks. Volgens Vrij Nederland beschuldigde Van Os Hörchner niet alleen van die wietplantage, maar ook van grootschalige handel in XTC. Hoe Van Os daarbij komt, laat zich raden! VN schrijft: “Opvallend detail: Op de dag dat Van O. werd verhoord, vaardigde het Poolse OM een arrestatiebevel voor Hörchner uit.” Zonder die “XTC-verklaring van Toon” zou er nooit een EAB zijn uitgevaardigd. De verdenking van betrokkenheid bij de kweek van 1800 gram wiet is daartoe volstrekt onvoldoende. Het heeft er alle schijn van dat Cees van Doorn heeft verklaard dat Toon van O. heeft verklaard…

Opvallend is, dat Cees van Doorn ook reeds betrokken was bij de vervolging wegens hasjsmokkel in 1992, waarvoor Hörchner in 1994 was veroordeeld tot een taakstraf. VN schrijft: “De rechercheurs hadden zich na afloop teleurgesteld getoond over de huns inziens lage straf. ‘Hij heeft toen geluk gehad,’ zei een van hen jaren later tegen een regionale krant.” Dat Cees van Doorn in 2000 welbewust naar Polen is gegaan om bewijs tegen Hörchner te verzamelen, lijkt me duidelijk! Hoe kon Toon van Os anders weten dat de hem onbekende Hörchner op dat moment in Nederland onder vuur lag wegens een XTC-zaak?

Na zijn terugkeer uit Polen heeft Hörchner de gewraakte telefoontap laten analyseren door deskundigen van de Universiteit van Maastricht. Daaruit blijkt dat beide tapverslagen niet overeenkomen met het origineel. Daarop deed Hörchner nogmaals aangifte van valsheid in geschrifte, die aangifte werd geseponeerd, Hörchner startte een art. 12 procedure die in augustus 2012 door het Hof in Den Bosch werd afgewezen op grond van het feit dat het misdrijf zou zijn verjaard! Die verjaring gaat normaal gesproken pas in op het moment dat het slachtoffer kennis krijgt van de valsheid in geschrifte, maar in de zaak Hörchner is helemaal niets normaal! Inspecteur André van Rooy meent echter dat hij daarmee is vrijgepleit, want gevraagd om wederhoor zegt hij volgens VN: “Toen is gebleken dat ik me nergens aan schuldig heb gemaakt. Toch blijft Hörchner protesteren. Als hij blijft doorgaan, dien ik een klacht tegen hem in wegens smaad.”

Tussen de regels door staat er nog veel meer in Vrij Nederland, maar bovenstaande feiten staan in elk geval vast! Ook de persoonlijke bemoeienis van Demmink met de procedure van Hörchner staat vast, maar dat staat niet in Vrij Nederland. Demmink komt immers liever niet in de krant… Tot zover de feiten over Hörchner. Over het artikel in Vrij Nederland heeft Hörchner onlangs gepraat met Myra. Dat gesprek zal ik binnenkort bespreken.

Overigens ben ik van mening dat Joris D. strafrechtelijk moet worden vervolgd!

Share and Enjoy:
  • NuJIJ
  • Twitter
  • Facebook
  • Hyves
  • RSS
  • email

3 Reacties op “Robert Hörchner en de feiten in Vrij Nederland”

Laat een reactie achter