Archief
Artikelen

Deel 10 van de serie Cosmos van Carl Sagan gaat over alle mogelijke sterrenstelsels en over de structuur van ons heelal. Omdat deze serie in 1980 werd gemaakt, is er sindsdien heel veel nieuwe informatie bijgekomen. Zo blijkt Sagan nog niet zeker te weten wat quasars zijn, al noemt hij bij alle mogelijke verklaringen ook de juiste. Quasars blijken inderdaad sterrenstelsels met in het midden een zwart gat. De sterren die daar in vallen, zenden eerst een gedeelte van hun energie uit. Quasars staan zeer ver weg, dus de straling die wij nu observeren, is lang geleden uitgezonden. Het zijn objecten uit het prille begin van ons heelal.

Om te weten of een lichtbron naar ons toekomt, of zich verwijdert, maakt men gebruik van het Doppler effect, dat leidt tot roodverschuiving van het licht wanneer een object zich verwijdert. Sagan vertelt over de loopbaan van de astronoom Milton Humason, die begon als muilezel-drijver bij de bouw van een sterrenwacht in Los Angeles. Daarna ging hij werken voor die sterrenwacht en aan de hand van de roodverschuiving van het licht toonde hij aan dat het heelal uitdijt. Dat gaf steun aan de theorie van de Big Bang. De vraag was toen of het heelal zal blijven uitdijen, of dat de zwaartekracht op den duur zal maken dat het heelal weer samentrekt, zoals Einstein veronderstelde.

Wij zijn gewend om te denken in drie dimensies: lengte, breedte en hoogte, maar het heelal heeft volgens Einstein vier dimensies. Ook de tijd is volgens de relativiteitstheorie een dimensie. Dit vierdimensionale heelal kan eindig zijn, maar onbegrensd, als het zo gebogen is dat het in zichzelf terugkeert. Ook een bol of een ei is eindig en onbegrensd. Maar als het heelal vlak is, of gebogen als een zadel, dan keert het niet in zichzelf terug, het is oneindig en blijft altijd uitdijen.

In 1998 ontdekten twee astronomen dat het heelal niet alleen uitdijt, maar dat deze beweging versnelt. Het heelal blijft kennelijk altijd uitdijen, tegen de zwaartekracht in. Om die versnelling te verklaren, postuleerde men een “dark energy”, een onbekende kracht die niemand ooit heeft gezien. Ongeveer 73% van het heelal zou bestaan uit dark energy en 23% uit dark matter, twee volslagen onbekende zaken die niemand ooit heeft waargenomen. Om het model wiskundig kloppend te maken, heeft men ze echter nodig! Slechts 4% van het heelal bestaat uit ons bekende materie, dit voornamelijk in de vorm van plasma.

Terug naar Sagan, die in 1980 worstelde met het probleem: blijft het heelal altijd uitdijen, of trekt het ooit weer samen? Hij doet daartoe een beroep op de religie van India, het Hindoeïsme. Dat levert wel mooie beelden op, maar geen wetenschappelijk antwoord. Met radiotelescopen kan men diep in het heelal kijken en daar, op de grens van het zichtbare heelal, zocht Sagan het antwoord. Inmiddels lijkt de vraag beantwoord: het heelal is oneindig, maar het bestaat voor 73 + 23 % uit onbekende, onzichtbare “donkere” energie en materie.

In de laatste minuten geeft Sagan een update, die 10 jaar later is toegevoegd. Het blijkt dat Melkwegstelsels niet zomaar willekeurig over het heelal verspreid zijn, maar dat ze zich voornamelijk concentreren aan de oppervlakte van ons heelal. Sagan gaat dan bellen blazen, hij vergelijkt het heelal met zeepbellen, maar bijzonder duidelijk is deze uitleg niet. Deze zeepsop-theorie is inmiddels verder uitgewerkt, zoals blijkt uit latere documentaires over deze materie.

Het resultaat doet volgens mij vermoeden dat het heelal een membraan is. Onze kosmos bevindt zich dan aan de binnenkant van dat membraan. Wat daarbuiten ligt, weten we niet, en evenmin weten we welke informatie door dat membraan wordt buitengesloten of binnengelaten.

Carl Sagan’s: Cosmos Part 10 – The Edge of Forever duurt een uur en 3 minuten.

Share and Enjoy:
  • NuJIJ
  • Twitter
  • Facebook
  • Hyves
  • RSS
  • email

3 Reacties op “De kosmos volgens Sagan (10): Het heelal”

Laat een reactie achter