Archief
Artikelen

Baybasin 01
(illustratie: Huseyin Baybasin)

In het Rapport Langendoen staat het volgende:

“Op 11 januari 2008 sprak ik met de hulp van een tolk met Yavuz YavuztÜrk, geboren op 6 april 1965 te Solhan. De heer Yavuz vertelde mij dat hij als verdachte gedetineerd is geweest in verband met de moord op ene heer Öge. Dat hij in dat onderzoek door een speciaal team uit Ankara gedurende vele weken is gemarteld. De marteling zou volgens hem zijn uitgeoefend omdat er vanuit Nederland gezegd zou zijn dat hij de moord in opdracht van de heer Baybasin zou hebben gepleegd.

Uit het proces-verbaal van de rechtbank voor zware Strafzaken in Istanbul, is opgenomen de verklaring van de heer Yavuz: “De politie heeft mij gefolterd in het bijzijn van mijn 70 jaar oude moeder, mijn vrouw en mijn 3 jaar oude kind. De hierop betrekking hebben rapporten bevinden zich in het dossier.” Van de marteling is een medisch rapport opgemaakt. De heer Yavuz is vrijgesproken in deze zaak. De marteling heeft een rol gespeeld in de zaak tegen hem.”

In het klaagschrift staat het volgende:

Ten slotte wordt gememoreerd dat in Turkije voor de Rechtbank voor Zware Strafzaken te Bakirköy een strafvervolging tegen Yavuztürk heeft plaatsgevonden wegens de moord op Öge, waarbij ook al het “Nederlandse” bewijsmateriaal is betrokken, maar dat deze vervolging na jarenlang onderzoek overeenkomstig het requisitoir van de Turkse officier van justitie is geëindigd (bij uitspraak van 13 oktober 2004) met een vrijspraak voor alle verdachten, waaronder Yavuz Yavuztürk, omdat er verre van voldoende wettig en overtuigend bewijs voor hun veroordeling voorhanden was.

Tot slot biedt ook een recente verklaring van de voor de moord op Öge vrijgesproken Yavuz Yavuztürk inzicht in de wijze waarop de strafzaak tegen Baybasin in elkaar is gezet. Zijn verklaring doet ernstige vragen rijzen over de wijze waarop de Nederlandse rechter indertijd is voorgelicht over de resultaten van de Turks-Nederlandse samenwerking in de zaak. Yavuztürk verklaarde op 10/11 januari 2008 het navolgende over zijn arrestatie en de daaropvolgende verhoren:

“U vraagt mij naar mijn wetenschap over de moord op Suleyman Öge in november 1997 te Istanbul. Ik heb over deze moord pas gehoord zo’n 5 à 6 maanden nadat deze had plaats gevonden. Ik ben in 1998 gearresteerd op verdenking van het plegen van deze moord. Uiteindelijk ben ik voor deze aanklacht vrijgesproken. (—)

Na mijn arrestatie ben ik 11 à 13 weken vastgehouden op het politiebureau. Er waren wel drie verschillende politie-units die de rechter toestemming hadden gevraagd om de officiële wettelijke termijn te verlengen voor mijn politieverhoor. Voor zover ik begreep, waren zowel de unit van ernstige misdrijven als de unit van georganiseerde misdaad bij mijn verhoren betrokken. Tijdens mijn twee maal verlengde termijn van voorarrest op het politiebureau ben ik ernstig en langdurig gemarteld, vaak wel drie keer per dag met tussentijds voortdurend vernederingen en lichte mishandelingen zoals klappen in mijn gezicht. De zwaardere mishandelingen bestonden uit elektroshocks, het ophangen aan mijn op mijn rug gedraaide armen en behandelingen met de hoge druk waterspuit. De martelingen werden uitgevoerd door het hierin gespecialiseerd team uit Ankara. Ik kan u twee namen geven van hierbij betrokken functionarissen. Dit waren de heren Kadir Balton en Adil Studar Sacan. Ze hebben mij uiteindelijk aan het einde van de martel- en verhoortermijn gebroken door mijn vrouw, mijn vierjarige zoontje en de vrouw van mijn oom (een oudere vrouw) naar het politiebureau te halen, mij naakt met mijn verwondingen aan hen te tonen en mij te dreigen ook mijn vrouw te zullen martelen.

Tijdens mijn verhoren werden mij schriftelijke telefoonopnamen getoond, waarvan ze zeiden dat deze uit Nederland afkomstig waren. Ze lieten mij zo’n drie opnamen horen en zeiden dat het gesprekken waren tussen mij en Huseyin Baybasin. Ik kan niet zeggen of ik mijn stem en die van Baybasin nu wel of niet herkende. Ik wist en weet het gewoon niet. Het was gewoon niet te zeggen. Daarbij stond ik onder enorme druk tijdens de verhoren. Ze zeiden mij: “Dit zijn gesprekken tussen jou en Huseyin Baybasin waarin hij jou een opdracht tot moord geeft”. Ik wist in ieder geval dat dat niet kon kloppen. Dat heb ik ook gezegd. Ze hebben mij vervolgens zolang gemarteld, totdat ik zoals gezegd werd gebroken door de komst van mijn vrouw, tante en zoontje. Toen heb ik getekend wat ze wilden dat ik tekende. Ik heb toen een verklaring getekend dat ik door iemand zou zijn gebeld die mij zou hebben meegedeeld een man te hebben gedood, terwijl dit niet waar was.

Vervolgens hebben ze mij volgens de wettelijke vereiste procedure bij een arts gebracht om te controleren of ik tekenen van lichamelijke marteling vertoonde. De politie wilde mij snel langs de arts voeren en een verklaring krijgen van “geen marteling”. Ik trof echter een jonge arts-stagaire, die dit niet accepteerde en mij wilde onderzoeken. De politie heeft hem nog bedreigd, maar daar liet deze arts zich niet door intimideren. Uiteindelijk heeft hij een rapport opgesteld met daarin de waarheid, namelijk dat ik tekenen van ernstige marteling vertoonde. (—)

Uiteindelijk heeft de rechter in mijn zaak vastgesteld dat ik niet veroordeeld kon worden op alleen mijn eigen verklaring die ook nog eens onder marteling was verkregen. Er bleek na jarenlang onderzoek geen enkel ander bewijs voorhanden. Ook dit vonnis mag Mr Ekinci u ter beschikking stellen.”

Deze verklaring wordt niet zomaar opeens in 2008 door Yavuztürk uit de hoge hoed getoverd. Uit een proces-verbaal van een verhoor op 1 juli 2002 door de Instructierechter bij de Rechtbank voor Zware Strafzaken te Bakirköy blijkt, dat Yavuztürk toen al precies dezelfde versie van het gebeuren gaf, zonder dat de officier van justitie de door hem gepresenteerde feiten weersprak. Ook toen verklaarde hij:
“Ik accepteer geen enkele beschuldiging met betrekking tot de moord op Sadik Süleyman Öge. Ik weet helemaal niets van die moord. (—) De politie heeft mij gefolterd in het bijzijn van mijn 70 jaar oude moeder, mijn vrouw en mijn drie jaar oude kind. De hierop betrekking hebbende rapporten bevinden zich in het dossier. (—) Ik ben onschuldig. (—) Mijn verklaring bij de politie heb ik onder druk afgelegd. (—) Die verklaring is door de politie geschreven. Ik heb onder druk en foltering ondertekend.”

Uit deze verklaringen van Yavuztürk wordt duidelijk, dat hij wekenlang ernstig is gemarteld na zijn arrestatie in Turkije in deze zaak met het kennelijke doel hem beweerdelijke telefoongesprekken tussen hem en Baybasin te laten herkennen. Yavuztürk geeft aan dat dit volgens zijn verhoorders tapverslagen betrof afkomstig uit Nederland. Uit een proces-verbaal van verbalisant Reuvers blijkt inderdaad dat de tapverslagen en gesprekken betrekking hebbende op de zaak Sadik Suleyman Öge op 27 maart 1998 aan het parket te Bakirkoy zijn verstrekt. Omgekeerd ontving het team IRT Noord & Oost Nederland vanuit Turkije diverse processen-verbaal van bevindingen en getuigenverhoren in deze zaak welke als bewijs aan de rechter werden gepresenteerd. Zij werden in het zaaksdossier 1 opgenomen als bijlagen D-1-1 t/m D-1-25, waarvan de bijlagen D-1-3, D-1-18 en D-1-22 door het hof ten grondslag werden gelegd aan de veroordeling in deze zaak.

De vraag rijst waarom de verklaring die Yavuztürk volgens zijn recente verklaring al in 1998 heeft afgelegd en welke kennelijk wel is ingebracht in de Turkse strafprocedure waarin Yavuztürk op 13 oktober 2004 werd vrijgesproken, aan de Nederlandse rechter is onthouden. Het betreft een verklaring, bewijsbaar onder marteling afgelegd, waarin Yavuztürk is blijven ontkennen díe gesprekken met Baybasin te hebben gevoerd waarop het hof Baybasin heeft veroordeeld. Kennisname door het hof van deze verklaring zou indertijd tot vrijspraak van Baybasin hebben geleid in deze zaak en dat zou de geplande set up hebben gedwarsboomd.

Het achterhouden van de in 1998 door Yavuztürk afgelegde verklaring is niet alleen te kwalificeren als een inbreuk op de door het openbaar ministerie en politie in acht te nemen behoorlijke beginselen van behoorlijke opsporing en vervolging. Het moet tevens worden gezien als onderdeel van de opzettelijke misleiding van de rechter met als doel Baybasin veroordeeld te krijgen voor niet door hem gepleegde strafbare feiten: de ‘set up’.

Tot zover het klaagschrift. Daarin klaagt de verdediging van Baybasin terecht over het feit dat het Hof in de bewijsvoering gebruik maakte van een verklaring die door marteling was verkregen, terwijl een tegengestelde verklaring, eveneens afgelegd door Yavaztürk, door het OM werd achtergehouden.

Deze zaak heeft echter nog een andere kant: Als het OM geen valse bewijzen had verstrekt aan de politie in Turkije, dan zou Yavaztürk nooit een haar zijn gekrenkt. Het enige “bewijs” tegen hem bestond immers uit vervalste telefoontaps die door Ferruh Tankuz naar Nederland waren gezonden en vanuit Nederland naar Turkije werden gestuurd, waarbij men deed alsof dit bewijs onvervalst uit Nederland afkomstig was. Op grond daarvan werd een onschuldige Turkse man in 1998 gearresteerd en drie maanden lang gemarteld. Pas in 2004 werd hij vrijgesproken. Intussen werd het IRT Noord en Oost Nederland door een onwetend Turks politieteam op de hoogte gehouden, terwijl het IRT wist dat het bewijs vervalst was! De martelingen die werden ingezet om Baybasin levenslang op te sluiten, zijn door het Nederlandse OM uitbesteed aan Turkije.

Wellicht wil de rechtbank rekening houden met deze verzwarende omstandigheid, als wordt overgegaan tot de strafrechtelijke vervolging van mr. H.M.P. Hillenaar en zijn handlangers!

Ceterum censeo Joris Demmink strafrechtelijk… wordt vervolgd.

Share and Enjoy:
  • NuJIJ
  • Twitter
  • Facebook
  • Hyves
  • RSS
  • email

3 Reacties op “Hoe het Nederlandse OM een marteling uitbesteedde”

  • John:

    4-1… olë-olé-olé-olé… Eh… sorry, laat ik even on topic blijven. Gezien, Bou, hoe de discussie zich ontwikkelt op de sites van Stan de Jong en Micha Kat? Wat schreef ik een jaar geleden al op jouw site? (let niet op het subtiele verschil in pseudoniem)

    1
    Jos Says:

    juni 28th, 2007 at 22:57
    Ik vermoed dat Joris niet wordt aangepakt, omdat hij – net als destijds de al even perverse J. Edgar Hoover – het politie/justitieapparaat geheel in zijn zak heeft. Jarenlang heeft hij op belangrijke posten alleen maar mensen benoemd/laten benoemen die ofwel hem iets verschuldigd waren, ofwel uit hetzelfde vunzige pedocircuit afkomstig waren. ‘Jullie weten iets van mij, maar ik weet nog véél meer van jullie, dus allemaal mondje dicht en als er stront aan de knikker is, houden we elkaar allemaal eendrachtig de hand boven het hoofd.’ Kijk naar dat vunzige kliekje Haagse juristen, dat afwisselend optreedt als advocaat, rechter-plaatsvervanger, commissaris van een verzekeringsmaatschappij, adviseur van de landsadvocaat, Eerste Kamerlid of whatsoever – al naar gelang het zo uitkomt om een zaak in het voordeel van een clangenoot te beslechten… Een door en door verrot, arrogant regentenbolwerk van verlepte corpsballen en Oranjehuisvriendjes… Speaking about… Het zou me niks verbazen als Friso (en destijds ook Claus) ook in dat pedocircuit figureerden. Wellcht is dat (mede) de reden voor de wel erg opvallende terughoudendheid van de Volkskrant over deze hele affaire. Maandenlang zeuren ze je daar aan je kop over Nederlandse militairen die arme onschuldige Irakezen ‘gemarteld’ zouden hebben (bekertje water in hun gezicht gegooid… ach gut..), maar over de echte schandalen in dit land – en zelfs internationaal, want die zaak-Baybasin riekt van alle kanten – hoor je ze niet. Wellicht omdat die koninklijke hielenlikker van een Pieter Broertjes bang is dat er dan nog véél meer rotzooi aan de oppervlakte komt, waarbij zijn geliefde Oranjefamilie naar alle waarschijnlijkheid een weinig verheffende rol speelt.

    Doch dit alles is, zoals u zult begrijpen, pure suggestie…

  • John, de zaak Baybasin ligt ook bij de commissie Buruma. Volgens mij maakt die geen deel uit van de kliek. Verder probeer ik de stukken slechts toegankelijk te maken voor een breder publiek.

    Ik denk wel dat je gelijk hebt, dat hier nog veel meer shit achter zit!

    Heb je trouwens die hoofddoek-kwestie in Turkije een beetje gevolgd? Daar hebben de hoogste rechters nu het besluit van de regering om het dragen van hoofddoeken toe te staan op de universiteit ongrondwettig verklaard. Dat gekift om die hoofddoeken vind ik een beetje achterlijk, maar ook in Turkije heeft de “deep state” de top van de rechterlijke macht bereikt.

    p.s.: de zaak Salomonson heb ik verleden jaar reeds verzameld, maar er nooit iets over geschreven. Dat komt dus nog…

    Voor wie daarop niet wachten wil: Dit staat bij Stan en Dit zegt Micha Kat daarover.

  • […] Bou gebruikt een jeukerige blognaam; NWO-INFO, maar Bou is een redelijk voorzichtig man en het artikel (van een serie) dat ik daar las, kwam over als goed […]

Laat een reactie achter

Recente reacties