Archief
Artikelen


(Illustratie: Huseyin Baybasin

Bij het beroep in cassatie van Baybasin in oktober 2003 verklaarde de Hoge Raad: “Dat Nederland geen controle zou hebben over het functioneren van de tapkamers doordat er in Nederland geen kennis bestaat van de uit Israël afkomstige software is, voor zover dit al juist zou zijn, onvoldoende om aan te nemen dat er met telefoontaps is gemanipuleerd.” Deze redenering gaat volkomen voorbij aan het probleem! Er worden in Nederland 1.700 telefoons per dag getapt en niemand weet wat er met die gesprekken gebeurt!

In het geval van Baybasin is inmiddels duidelijk wat er is gebeurd. De Turkse journalist Burhan Kazmali heeft de politieagent opgespoord die verantwoordelijk was voor die geluidsbanden. Langendoen heeft in Istanbul niet alleen met Burhan Kazmali gesproken, maar ook met deze Turkse politieagent. In zijn rapport vertelt Langendoen:

Op 1 mei 2008 sprak ik met een man die mij vertelde dat hij werkzaam was en is bij de politie in Turkije. Hij vertelde dat hij destijds actief betroffen was bij het onderzoek tegen de heer H. Baybasin.

Omdat ik de Turkse taal niet machtig ben, heb ik gebruik gemaakt van een tolk. Deze tolk, de heer B. Ekinci, vertelde mij dat hij nimmer in contact was geweest met de man die vertelde politieambtenaar te zijn. Hierbij merk ik op dat het gesprek op een later tijdstip door een beëdigde tolk vertaald zal worden.

Omdat er in de conversatie van Nederlands naar het Engels en van het Engels naar het Turks en vise versa, de nodige taalkundige interpretatieverschillen kunnen ontstaan, heb ik er voor gekozen om het gevoerde gesprek op audio – opnameapparatuur vast te leggen. Dit gesprek is met toestemming van de betrokken politieman vastgelegd. Uiteraard is de gehele audio-opname eventueel beschikbaar voor verder onderzoek. (Bron 2.12)

Hieronder volgen enkele passages uit het gesprek.

Op mijn vraag of hij (de politieman) eerder had gesproken met de journalist de heer Kazmali, vertelde hij: “Ja “

Op mijn vraag van wie het initiatief tot een dergelijk gesprek was uitgegaan, vertelde hij: “Het verzoek kwam van de heer Kazmali om enkele vragen van zijn kant te beantwoorden. Ik waardeerde zijn werk dus ik heb hem antwoord gegeven. Wilt u dat ik u vertel wat ik hem heb verteld?”

Op mijn vraag of hij gedurende de jaren 1996, 1997 en 1998 werkzaam was voor de afdeling verdovende middelen van de politie in Istanbul antwoordde hij: “Ja, dat klopt. Niet zozeer voor de Istanbul Narcotic Service maar voor de Technische Afdeling van het hoofdkwartier van de Politie Istanbul.”

Op mijn vraag of het juist is dat de afdeling verdovende middelen had gewerkt aan het onderzoek tegen de familie Baybasin antwoordde hij: “In die tijd sprak ik niet met iemand in het bijzonder over de Baybasin familie. Maar ik kende z’n naam. Maar het klopt dat er in die periode een onderzoek liep tegen de Baybasin familie bij de afdeling Narcotica van de Politie.”

Op mijn vraag of hij deel uit maakte van het onderzoeksteam vertelde hij: “Ja, ik luisterde zijn telefoons af, de telefoons van zijn familie en diegenen die voor hem werkten. Ja, we werkten hier met z’n zessen aan.”

Verder vertelde deze politieman dat hij aan de zaak Baybasin met andere afdelingen van de politie en zelfs met buitenlandse politie-eenheden heeft samengewerkt.

Op mijn vraag: “Is het waar dat U nieuwe opnames met oude opnames mixte om het zo allemaal als nieuwe te laten lijken?” antwoordde hij: “Ja, dat klopt.”

Op mijn volgende vraag: “Op wiens verzoek deed U dat?” antwoordde hij: “ Ik zei al op verzoek van Tankuz.”

Op mijn volgende vraag: “Heeft U ook opgenomen telefoongesprekken van Baybasin ontvangen van de Nederlandse politie? En heeft U die gemixed met de Turkse gesprekken om het te laten lijken alsof het pas opgenomen gesprekken van de heer Baybasin waren?”
De politieman antwoordde: “Ja, ik had die Nederlandse opnamen nodig om te mengen met oude gesprekken. Ik herinner me dat ik ze één keer direct van de Nederlandse politie heb gekregen.

Op de aanvullende vraag hoe die Nederlandse opnames aan hem waren toegestuurd, antwoordde hij: “Ik kan niet uitleggen hoe. Dat betreft een geheime methode. Het was ten strengste verboden om over mijn werk met derden te praten.”

Hij vertelde dat hij in opdracht van zijn superieuren telefoongesprekken had vervalst, bleek mij dat hij de overtuigen had dat hij werkte in opdracht van de staat op het moment van het maken van die vervalsingen. Dat hij deze werkzaamheden uitvoerde omdat er sprake was een “vijand van de staat”. Zijn superieuren hadden hem verteld dat er sprake was van een situatie waarin de staat in gevaar werd gebracht door de heer H. Baybasin.

Indien er sprake is van een vijand van de staat, zo vertelde deze politieman, zijn er een zeer groot aantal legale maar bovendien ook illegale opsporingsmethoden geoorloofd. Als achteraf blijkt dat er sprake is van een vijand van de staat, dan ben je als meewerkende opsporingsambtenaar aan de illegale opsporingspraktijken, volgens de Turkse wet niet strafbaar. Als achteraf blijkt dat het zijn van een “vijand van de staat” vals en onjuist door een privé-persoon is bedacht, is het geen zaak meer van de staat, maar een privé-kwestie. In geval van een privé-kwestie, is een meewerkende opsporingsambtenaar achteraf wel strafbaar volgens de Turkse wet.

Bedoelde politieman vertelde: “Wij hadden bewijs nodig, legaal en illegaal. Als je een man tot doelwit moet maken dan heb je bewijs nodig, legaal of illegaal. En ik deed daaraan mee. We hebben erg veel gemanipuleerd. We hebben stemmen ingevoerd en andere tapes. Wat mij betreft, ik heb geen enkel bewijs gevonden dat Baybasin inderdaad een drugssmokkelaar was, een moordenaar of lid van de PKK. Ik heb hier geen enkel bewijs voor kunnen vinden.”

Op mijn vraag wat zijn specifieke werkzaamheden inhielden binnen het team dat het onderzoek tegen Baybasin uitvoerde was, vertelde hij: “Mijn taak was het afluisteren en opnemen van gesprekken, het technische gedeelte. Dat werk deed ik ook al in militaire dienst. Als soldaat in het leger heb ik hierin ervaring opgedaan. Ik heb omdat ik er zo goed in ben op dit gebied al veel prijzen ontvangen. Dit is de reden waarom ze me na mijn carrière in het leger hebben aanbevolen voor de technische afdeling van de politie. Zo ben ik in dit werk verzeild. Ik ben heel erg goed in mijn werk. Ik kan op de door mij gewenste wijze stemmen combineren en veranderen.

Op de verhelderingvraag van de tolk: “Als je een gesprek van mij hoort, kun je dat dan veranderen op de door jouw gewenste wijze?” antwoordde de politieman: “ Ja, dat kan ik. Ik kan zelfs zelf op de band inspreken en deze zo veranderen alsof het een echt gesprek van iemand anders is inclusief geuite gevoelens van opwinding en bijvoorbeeld droefheid. Als ik iemand door de telefoon hoor spreken, dan kan ik zeggen of deze persoon iets wil vragen of hij onder druk staat enzovoort. Ik weet ook of deze persoon in een kamer verblijft, waar het warm is of koud, of de persoon wordt gedwongen of uit vrije wil spreekt, of hij alleen is etc. Ik was meestal diegene die de gesprekken moest identificeren voor de technische afdeling, omdat ik zo goed kon aanvoelen wat er speelde. Maar dat niet alleen. Ik kan gesprekken ook zo in elkaar zetten dat het lijkt of dat soort dingen plaats vinden. Op de vraag of ik vanwege deze vaardigheden ben aangenomen, antwoord ik: ja. Niemand snapt hoe ik het doe. Zo goed ben ik. Ik werd in deze zaak direct door mr. Ferruh (Tankuz) geïnstrueerd en niet zoals gebruikelijk door de chef van de technische afdeling.

Verder vertelde de politieman dat hij 23 jaar was toen hij in het onderzoek tegen Baybasin werkte. Ze hadden de in het team werkende mensen verteld dat Baybasin in contact stond met personen hoog in het staatsapparaat en dat hij ook directe contacten had met terroristische organisaties. Ook hadden ze verteld dat hij (Baybasin) verantwoordelijk was voor veel mensen van aanzien, dat hij drugsdealer was. Hij werd afgeschilderd als het echte gevaar voor de Turkse Staat. De politieman en de met hem werkende collega’s waren daar toen van overtuigd.

De politieman vertelde dat hij al in 1992 en 1993 luisterde naar Baybasins gesprekken in Turkije. Hij luisterde o.a. naar de stem van Baybasin op het vliegveld. Het was in zijn eerste jaar bij de politie. Daarna merkten hij en zijn collega’s, dat Baybasin land uit was. Ook in de periode 1996 en1997 luisterde hij de gesprekken van Baybasin af, maar dat zijn er niet meer dan zo’n 15 geweest. Andere gesprekken van Baybasin kreeg hij uit de archieven en van andere politieafdelingen.

Op de vraag hoe het mixen van gesprekken in zijn werk ging, vertelde de politieman: “Het ging eigenlijk heel eenvoudig. Hoe zal ik u dit uitleggen. Je zet de stem van een bepaalde persoon in de computer. Je hebt daar drie of vier programma’s voor. Je vergelijkt dan de stem die je hebt met de stem die je wil creëren. Dan ga je de verschillen in toonhoogte vergelijken, de hoogte en diepte. Vervolgens ga je die stemmen identiek maken. Je stemt de frequenties op elkaar af, in hoogte, diepte en breedte. Zo heb ik de verschillende stemmen aangepast om ze te laten lijken op die van Baybasin. Je brengt de te veranderen stem op dezelfde frequentie en toonhoogte als de na te bootsen stem. Als je zover bent ga je aan het accent werken van een bepaalde gewenste regio in Turkije. Dat pas je ook aan. Op dit moment is deze sectie bij ons op een zeer geavanceerd niveau werkzaam. Ik zou geen betere kennen en dan zet je de stem van de andere stem op de computer, bijvoorbeeld de amateur acteur stem. Nadat de toonhoogten en accenten zijn aangepast, las je het gesprek weer in. Soms moeten dan nog plaatsnamen en jaartallen worden aangepast. Soms moet er nog wat worden geschoven met woorden in een zin, om tot het gewenste resultaat te komen.

Op de aanvullende vraag van de tolk Ekinci: “Dus u bedoelt dat u de stem zo hebt aangepast dat die op die van Baybasin leek?”, antwoordde de politieman: “Ja”.

Ceterum censeo Joris Demmink strafrechtelijk… wordt vervolgd.

Share and Enjoy:
  • NuJIJ
  • Twitter
  • Facebook
  • Hyves
  • RSS
  • email

6 Reacties op “Langendoen en de Turkse tapvervalser”

  • Dick:

    Vreemd, als hij dat werk zo goed kan en in het belang van de staat doet, dan komt het mij vreemd voor dat hij dat eerlijk mag/kan vertellen…

  • Dick, deze man heeft nog moed in de schoenen. Als zijn identiteit bekend raakt, is hij het haasje…

  • Dick:

    Heel moedig, maar met een opname, ben ik bang dat hij gevaar loopt…

  • Beste Dick, er heeft in Turkije een zuivering plaats gevonden, dit naar aanleiding van het Susurluk-ongeval. Daarover later, want ik kan niet alles tegelijk schrijven. Een aantal betrokkenen bij deze zaak is ontslagen en zelfs veroordeeld. Ik denk dat dit de reden is, waarom mensen durven te praten, zij het anoniem.

    Deze politieman heeft tegen Burhan Kazmali veel minder los gelaten, maar zijn publicaties eind vorig jaar hebben geen gevolgen gehad. Vandaar dat deze politieman nu weer een beetje meer durft te vertellen.

    Even los van de zaak Baybasin: het gerommel met telefoontaps gebeurde ook in de zaak Hörchner. Robert Hörchner ontdekte dat er twee verschillende tapverslagen in omloop waren, waarvan de meest belastende in zijn zaak werd ingezet. Hij heeft hemel en aarde bewogen om de originele tap los te krijgen. Op het moment dat de rechtbank besloot dat hij daar recht op had, kwam er opeens een arrestatiebevel uit Polen. De ontknoping is door Annelies op de website gezet (pdf), maar Robert zit nog steeds in Polen, in voorarrest.

    Als dit onze rechtsgang is, dan lopen we allemaal gevaar!

  • […] aanleiding van het verhaal van de Turkse tapvervalser, vroeg Dick zich af waarom deze man zo gemakkelijk aan de praat te krijgen was. Deze vraag wordt door hem zelf […]

  • […] Hoewel het lijkt alsof Micha Kat alleen nog Lippens en Fortis belaagt, is de jacht op Demmink allerminst gestaakt. Op Klokkenluider staan nu reeds 35 artikelen over deze affaire. Verhelderend is het overzicht dat Kat bijhoudt van de perikelen rond Joris D. Daarin ontbreekt echter de uitzending van NOVA op 15 juli 1998 over de kinderporno in Zandvoort. Misschien achtte Kat dat niet relevant, maar deze zaak gaf aanleiding tot het Rolodex-onderzoek, terwijl de porno in de doofpot werd gestopt. Binnenkort kan er trouwens weer een feit aan het overzicht worden toegevoegd: het Hof Amsterdam zal in september besluiten of het OM op grond van de aangifte van Baybasin moet overgaan tot vervolging van Joris D. Het klachtschrift (pdf) inzake het niet vervolgen van Joris D. hebben we reeds in juni besproken. […]

Laat een reactie achter