Archief
Artikelen

Toen Jezus van Nazareth omstreeks het jaar 30 AD als prediker door Judea trok, was hij beslist niet de enige. In die tijd bestond er een heftige concurrentie tussen allerlei religies en predikers. Johannes de Doper, die in het Christendom wordt beschouwd als een voorloper van Jezus, was een zelfstandige prediker met talloze volgelingen in het hele Romeinse Rijk. In 350 bestond er nog steeds een groep volgelingen van Johannes. Toen het Christendom de Romeinse staatsreligie werd, zijn zij naar een afgelegen plek in Koerdistan getrokken. Men noemt hen Mandaeërs en Johannes de Doper is nog steeds hun belangrijkste profeet.

Na de Babylonische ballingschap waren de Joden gaan geloven in de komst van een Messias, die Judea weer tot een zelfstandige staat zou maken, zoals in de tijd van de legendarische koningen David en Salomo. In de Romeinse tijd liepen er in Judea talloze kandidaten voor deze functie rond. De populaire prediker Apollonius van Tyana is in de vergetelheid geraakt. Simon Magus of Simon de Tovenaar, komt ook even voor in het Nieuwe Testament. Hij wordt daar zeer negatief afgeschilderd, waarschijnlijk omdat hij een geduchte concurrent was voor de leer van Jezus.

In het Romeinse Rijk was de godsdienstvrijheid aanvankelijk groot. De overwonnen volkeren werden bestuurd door Rome, maar ze behielden hun religie en vaak werd er voor hun goden ook een tempel gesticht in Rome. De inwoners van Rome konden dan ook kiezen uit een keur van religies, tempels en goden. In de laatste eeuw v.Chr. werd de Romeinse Republiek verscheurd door machtsstrijd, er dreigde voortdurend burgeroorlog. In 44 v.Chr. werd Julius Caesar vermoord, waarna het rijk in chaos verkeerde. In 27 v.Chr. kwam Octavianus aan de macht, hij herstelde de vrede binnen het rijk. Men noemde hem Imperator Caesar Augustus, hij was de eerste keizer van Rome en na zijn dood in 14 AD werd hij als een god vereerd. In de oudheid was dat niet ongebruikelijk, ook de Egyptische farao’s werden vereerd als goden.

In de tijd dat Jezus predikte, heerste keizer Tiberius (14-37 AD), de stiefzoon en opvolger van Augustus, over Rome. Hij was een vrij zwakke figuur, die door zijn moeder Livia Drusilla op de troon was geholpen, maar men noemde hem de zoon van god. Toen Jezus god zijn vader noemde, meenden de Romeinen dat hij zich daarmee gelijk stelde aan de keizer. Hij werd veroordeeld tot de kruisdood, wegens hoogverraad! Zijn volgelingen geloofden echter, dat hij na zijn dood zou verrijzen, omdat hij als zoon van god onsterfelijk was.

De 12 apostelen verspreidden zijn leer daarna in het hele Romeinse Rijk, zoals blijkt uit de Handelingen der Apostelen en de Epistels. Omdat het Christendom een sterke sociale binding met zich meebracht, sprak het vooral de arme bevolking en de slaven aan. In 64 AD werd een groot deel van Rome door brand verwoest en keizer Nero beschuldigde de Christenen van brandstichting, waarop ze kortstondig werden vervolgd. Daaruit blijkt dat ze toen reeds een duidelijk aanwijsbare groep vormden.

Alle volkeren aanbaden toen nog meerdere goden, behalve de Joden , die slechts een god mochten aanbidden. De verplichting om de keizer van Rome te vereren, leidde onder hen tot protest, de Romeinse overheersing werd door hen vertaald in een religieus conflict. In 66 AD leidde dit tot de Joodse Oorlog, die in 70 eindigde in een slachtpartij waarin, naar men zegt, vrijwel iedere Jood werd gedood of als slaaf verkocht. Helemaal waar kan dat niet zijn, want omstreeks 130 predikte Simon Bar Kochba de oorlog tegen de Romeinen. Ook hij werd beschouwd als de Messias. Hij wist de Romeinen te verdrijven uit Judea, waar hij van 132 tot 135 stand hield als leider van een piepklein staatje in het grote Romeinse Rijk van keizer Hadrianus. Toen Simon Bar Kochba ten slotte werd verslagen, vluchtten vrijwel alle Joden weg uit Judea. Zo begon de Joodse diaspora. De Joodse religie, die tot dat moment was voorbehouden aan het Joodse volk, veranderde nu in een bekeringsreligie, net als het Christendom. De meeste hedendaagse Joden stammen niet af van de aartsvaders, maar van bekeerlingen. De opstand van Simon Bar Kochba had ook een keerzijde voor de Christenen: men begon ook hen hier en daar te vervolgen wegens hun monotheïsme.

Intussen groeide het Christendom gestaag, al waren er krachtige concurrenten. De verering van Mithras, van oorsprong een Perzische cultus, had een brede aanhang, vooral onder de soldaten. Elementen uit deze cultus werden later geïncorporeerd in het Christendom. Ook de cultus van Isis, een Egyptische godin, was zeer populair. Zij stond model voor de latere verering van de maagd Maria. Uit de Nag Hammadi geschriften, die in 1945 werden ontdekt in Egypte, blijkt dat er in de eerste eeuwen na Christus ook meerdere evangelies in omloop waren, terwijl er maar vier in de Bijbel staan. Het Christendom was in deze tijd nog zeer pluralistisch.

De voertaal in het Romeinse Rijk was Grieks in het oosten en Romeins in het westen. Om de eenheid binnen dit rijk te bevorderen, stelde keizer Decius (249-251) het vereren van de Romeinse goden verplicht. Dit leidde tot vervolging van de Christenen, die dit weigerden. Het Romeinse Rijk werd in deze tijd zowel verzwakt door bestuurlijke problemen als door de invallen van Gothen, Franken, Vandalen en Bourgondiërs. Keizer Diocletianus (284-305) reorganiseerde de bestuursvorm, het Grieks sprekende en het Latijn sprekend deel kregen elk een eigen bestuur. In deze tijd vond de meeste heftige vervolging van Christenen plaats, maar de leer was reeds wijd verspreid en onmogelijk uit te roeien.

In 313 tekende Constantijn de Grote (280-337) het Edict van Milaan, waarin de vrijheid van godsdienst werd vastgelegd. Zo kwam er een einde aan de vervolging van de Christenen. Constantijn bekeerde zich zelfs tot het Christendom en als heerser over het Grieks sprekende deel van het rijk, maakte hij Byzantium tot zijn hoofdstad. Na zijn dood zou deze stad Constantinopel worden genoemd en het Oost-Romeinse rijk werd het Byzantijnse Rijk.

Het Christendom was al lang geen eenduidige religie meer, maar een bonte verzameling van stromingen en overtuigingen. In 325 riep keizer Constantijn alle Christelijke bisschoppen bijeen, op het concilie van Nicaea werd de officiële Christelijke leer vastgesteld. De Heilige Drie-eenheid van God (de Vader, de Zoon en de Heilige Geest) werd hier geformuleerd en tot waarheid verheven. Tevens werd vastgesteld welke boeken behoren tot de Bijbel. Daarbij was ook het boek Openbaring van Johannes, een uiterst obscuur toekomstvisioen. Sommige evangelies, zoals degene die werden gevonden in Nag Hammadi, werden uitgesloten. Er werden vier bisschoppen aangewezen als Patriarchen: die van Rome, Constantinopel, Alexandrië en Jeruzalem. Keizer Theodosius (379-395), de laatste keizer die heerste over het hele Romeinse Rijk, riep dit Christendom uit tot staatsgodsdienst.

De bestuurlijke indeling die was gemaakt door Diocletianus, leidde in 395 tot een splitsing in het West Romeinse Rijk en het Byzantijnse Rijk. In beide rijken was het Christendom de staatsgodsdienst, maar het West Romeinse Rijk viel uiteen door de invallen van de Germanen, terwijl het Byzantijnse Rijk bleef bestaan. Nadat koning Clovis zich omstreeks 500 had bekeerd tot het Christendom, stond het patriarchaat van Rome onder Germaanse invloed, terwijl in het oosten de leer onveranderd bleef. Met het Oosterse Schisma kwam het in 1054 tot een definitieve breuk tussen de Paus van Rome en de Oosterse Christenen. Het West Romeinse Rijk was in die tijd een politieke lappendeken van stadstaten, koninkrijkjes, graafschappen en hertogdommen, maar hele de bevolking was Christelijk. De Kerk van Rome was veranderd in een machtsbolwerk, gestoeld op een zeer dogmatische religie. In 1096 begonnen de Kruistochten, een militaire onderneming die werd geïnitieerd door de Paus. Ik denk niet dat Jezus van Nazareth zichzelf hier nog in zou herkennen!

De volgende documentaire over het begin van het Christendom is gemaakt door National Geographic. De presentatie vind ik wat onbeholpen, zeg maar kitsch, met al die figuranten, maar de informatie is wel correct.

De rivalen van Jezus duurt 47 minuten.

Toegift:

Rowan Atkinson: Amazing Jesus duurt 4 minuten

Rowan Atkinson: Welcome to Hell duurt 3 minuten

Share and Enjoy:
  • NuJIJ
  • Twitter
  • Facebook
  • Hyves
  • RSS
  • email

4 Reacties op “De rivalen van Jezus”

  • hkdh:

    “keizer Nero beschuldigde de Christenen van brandstichting, waarop ze kortstondig werden vervolgd. Daaruit blijkt dat ze toen reeds een duidelijk aanwijsbare groep vormden.”
    :
    Dit alles betreft één en dezelfde tekst, waarin sprake is van chrestiani, hetgeen ook speculanten kan betekenen, degenen die garen sponnen bij de branden in Rome.
    Daardoor bewijst deze tekst uitsluitend, dat Nero een groep aansprakelijk stelde en vervolgde.
    Tot en met Nero werd de cultus van Divus Julius beleden en was van een cultus van Jezus Christus nog geen spoor.
    Juist omdat de Jezus cultus uit het niets te voorschijn lijkt te komen, wordt aan een enkele zijdelingse verwijzing in klassieke teksten een opgeblazen wens-betekenis toegekend en opgelegd.
    En dat karakteriseert de Jezus cultus toch vooral als een opgelegde éénheidsworst cultus van het Romeinse Rijk, waaraan toen binnen dat Rijk een grote behoefte was, zowel aan de cultus als de eenheid.


    “Zo begon de Joodse diaspora. De Joodse religie, die tot dat moment was voorbehouden aan het Joodse volk, veranderde nu in een bekeringsreligie, net als het Christendom. De meeste hedendaagse Joden stammen niet af van de aartsvaders, maar van bekeerlingen.”
    :
    Goed om eens duidelijk te stellen, dat met name in het gebied van het Romeinse Rijk het Judaïsme in concurrentie trad met Christenleer en later ook Islam, met name ook omdat juist die religies status gaven aan het Judaïsme door het zovaak te vermelden en te bestrijden.
    O.m. met als gevolg de bekeringen tot het Judaïsme in het Kazaarse Rijk ten noorden van de Zwarte Zee en de Caucasus.
    Maar na de miljoenen moorden op vooral Asjkenazische Joden (de Jiddisch sprekenden) gaat “de meeste hedendaagse” op schrijnende wijze te ver, zij zijn zowel voor als na de Sjoah de grootste groep en stammen voor een aanzienlijk deel van bekeerlingen uit Zuid-Oost Europa. De juiste verhoudingen der afkomst zijn nog problematisch, maar zeker zijn de Israëlische genen ook bij hen nog volop aanwezig. En tevens is vastgesteld (genetisch), dat hun religieuze leiders, de kaste der Kohaniem, in overwegende mate afstammen van echte Jehudiem en Israëliem.

  • Beste hkdh,

    Dank voor je interessante aanvullingen!

    “En tevens is vastgesteld (genetisch), dat hun religieuze leiders, de kaste der Kohaniem, in overwegende mate afstammen van echte Jehudiem en Israëliem.”

    Dit verbaast me een beetje. Heb je ook een link naar de documentatie?

Laat een reactie achter

Recente reacties