Archief
Artikelen

Op de website van Amnesty International verscheen begin deze week dit bericht:

Vijf jaar na de invasie van Irak door de VS verkeert het land nog steeds in chaos. Met de mensenrechten is het rampzalig gesteld, er heerst een klimaat van wetteloosheid, de economie is aan flarden en het aantal vluchtelingen blijft stijgen.

Een nieuw rapport van Amnesty International: Carnage and Despair (Bloedbad en Wanhoop), Irak na vijf jaar, zegt dat ondanks de aanwezigheid van de VS en de Irakese veiligheidstroepen, Irak een van de gevaarlijkste landen ter wereld is, waar maandelijks honderden Irakese burgers worden gedood. Gewapende milities, die zich verzetten tegen de Irakese regering en de door de VS geleide Multi-National Force (MNF), zijn verantwoordelijk voor willekeurige beschietingen, zelfmoordaanslagen, ontvoering en marteling.

Sinds begin 2006 is het geweld toegenomen en meer sektarisch geworden, met gewapende groepen Sunnieten en Shi’iten die zich richten tegen aanhangers van het andere geloof en die gehele gemeenschappen verdrijven uit gemengde buurten. Dit heeft er toe bijgedragen dat vier miljoen mensen ontheemd zijn. Twee miljoen van hen zijn gevlucht naar Syrië en Jordanië.

De burgers lopen eveneens gevaar van de kant van de MNF en de Irakese veiligheidstroepen. Door het excessieve geweld zijn velen gedood en tienduizenden zitten gevangen zonder aanklacht of proces. In 2004 is de doodstraf opnieuw ingevoerd en honderden mensen zijn ter dood veroordeeld. In 2007 werden minstens 33 mensen geëxecuteerd, velen na een oneerlijk proces.

Door de opkomst van fundamentalistische religieuze groeperingen zijn de omstandigheden voor vrouwen ook verslechterd. Velen zijn gedwongen om Islamitische kleding te dragen of ze zijn het doelwit van ontvoering, verkrachting of moord. Uit een onderzoek dat de Wereld Gezondheids Organisatie (WHO) in 2006/2007 deed in Irak, bleek dat 21,2 percent van Irakese vrouwen fysiek geweld had ervaren.

De situatie wordt er niet beter op doordat de Irakese overheid nalaat om de vele gevallen van schending van mensenrechten – hetzij door de veiligheidstroepen, hetzij door milities – effectief te onderzoeken en de daders te berechten.

De economische omstandigheden blijven ook zeer slecht. De meeste Irakezen lijden onder het gebrek aan voedsel, onderdak, water, sanitair, onderwijs, gezondheidszorg en werkgelegenheid. Oxfam meldde in juli 2007 dat 70 procent van de Irakezen geen veilig drinkwater heeft en dat 43 procent leefde van minder dan een dollar per dag. Acht miljoen Irakezen hebben behoefte aan noodhulp, waarbij kinderen het zwaarst zijn getroffen. Het aantal ondervoede kinderen is toegenomen van 19 procent in de periode van 1991-2003, toen er onder Saddam Hussein internationale sancties aan het land waren opgelegd, tot 28 procent in 2007.

Lees verder op de website van Amnesty International.

In november 2006 zond Channel 4 een documentaire uit over het geweld in Irak. Op hun website schreven ze: Het martelen en vermoorden van Irakese burgers bereikt een ongekende hoogte, met naar schatting nu zo’n 655.000 doden. Elke maand worden duizenden burgers in Irak doelbewust vermoord – meer dan in de laatste jaren van Saddam’s regime gedood werden. Toch hebben de moordenaars niets te maken met Al Qaida of Soennitische rebellen. Het zijn voor het merendeel Sji’itische doodseskaders die van Irak een Sji’itische staat willen maken.

Verslaggeefster Deborah Davies werkte samen met plaatselijke Irakese journalisten. Zij laat zien hoe er iedere nacht doodseskaders razen door de voorheen gemengde buurten van Bagdad. Elke dag worden er wel honderd lijken op straat gedumpt. Deze vertonen vaak sporen van marteling met elektrische boren. Hele buurten van Bagdad zijn nu etnisch gezuiverd.

Terwijl de regeringen van de VS en Groot Brittannië de Soennitische rebellen en El Qaida beschuldigden van deze moorden, toont Davies aan dat het merendeel wordt gepleegd door Sji’itische milities, die systematisch infiltreerden in de overheid en die hele politie-eenheden en ministeries hebben overgenomen. Zij benadrukt dat deze moordenaars straffeloos hun gang kunnen gaan, omdat hun activiteiten nauwelijks worden onderzocht.

Haar documentaire bevat verontrustende videobeelden, waarop te zien is hoe het door Shi’iten beheerste ministerie van Binnenlandse Zaken een netwerk van geheime gevangenissen runt, waar Soennieten gevangen worden gehouden, afschuwelijk worden gemarteld en gedood. Mohammed Al Daini, een Soenniet en lid van de Militaire Politie, beschrijft aan Davies hoe hij zo’n gevangenis ontdekte en er honderden gemartelde gevangenen aantrof. Ze werden gearresteerd toen de huidige minister van financiën Bayan Jabr nog minister van Binnenlandse Zaken was en als zodanig verantwoordelijk voor de politie.

Aida Ussayran, een seculiere Shi’iet en Minister van Mensenrechten in de vorige regering, onthult hoe zij en haar staf ontdekten dat er in het ministerie van BZ tientallen gevangenen werden gemarteld en verkracht, alweer terwijl Jabr minister was. Ze beschuldigde Jabr, maar hij zei dat hij daar niets van afwist, hoewel dit was gebeurd binnen zijn ministerie.

Twee voormalige VS adviseurs van Jabr vertellen Davies dat ze de regering van de VS herhaaldelijk hebben gewaarschuwd voor Jabr. Ook maakten ze hun bezorgdheid kenbaar omtrent dat er geld werd weggesluisd om een Sji’itische militie te financieren, de zogenaamde Badr-brigade die het ministerie van de Huisvesting overnam, en omdat de milities groeiden in aantal en macht, zodanig dat de huidige slachting onvermijdelijk werd. Ze werden beiden ontslagen door de regering van de VS.

De documentaire toont ook bewijs waaruit blijkt dat de sectarische moorden verband houden met met speciale politie-eenheden. Davies praat met Gerry Burke, die in 2005 een hoge adviseur van de VS in Irak was. Hij heeft gezien hoe voltallige eenheden van de Badr-brigade werden ingeschreven bij de politie en de speciale commando’s. Hij zegt ook dat Jabr geen deugdelijk onderzoek liet doen naar de moorden, die volgens hoge politie-functionarissen werden gepleegd door commando’s die onder direct toezicht stonden van Jabr.

De Badr-brigade is niet de enige machtige Sji’itische militie. Het Mahdi leger, onder bevel van Moqtada al Sadr, controleert grote delen van Bagdad. Zij hebben het Ministerie van Gezondheid geïnfiltreerd en beheersen veel ziekenhuizen. Een Irakese arts vertelt Davies hoe Soennitische patiënten vaak binnen de ziekenhuizen worden vermoord.

Mowaffaq Al Rubaie is de nationale veiligheidsadviseur van Irak. Hij was aanwezig bij de executie van Sadam en speelt een sleutelrol in de Sji’itische hiërarchie die nu de Irakese overheid beheerst. Davies vroeg hem of die overheid werkelijk een einde wil maken aan het sectarische geweld. Ze interviewt ook Philip Zelikow, voorheen een zeer belangrijke beleidsbepaler in de regering van de VS, die de nieuwe strategie hielp ontwikkelen. Ze vraagt hem of de regering begrijpt in welke mate de milities de Irakese overheid controleren. En ze spreekt met de voormalige Irakese eerste minister Iyad Allawi, die zegt dat deze regering niet bereid is tot nationale verzoening, omdat het Irakese systeem geheel is doordrongen van de milities.

Deborah Davies: The Death Squads duurt drie kwartier

Tegen deze achtergrond van versplintering en geweld heeft Bush in januari 2007 besloten dat er 30.000 extra manschappen naar Irak werden gestuurd. Deze ‘surge’ (vloedgolf) zou het geweld hebben onderdrukt en de invloed van Al Qaida hebben beperkt. Uit het laatste rapport van Amnesty blijkt hoe waar dit is.

Share and Enjoy:
  • NuJIJ
  • Twitter
  • Facebook
  • Hyves
  • RSS
  • email

Laat een reactie achter

Recente reacties