Archief
Artikelen

Op vrijdag 7 maart j.l. werd in Den Haag een symposium gehouden onder de titel: “Crisis in de rechtsstaat?” Het initiatief ging uit van SP kamerlid Jan de Wit, die naast Sociale Zaken en Werkgelegenheid ook Justitie in zijn portefeuille heeft. Het symposium zou gaan over de feilbaarheid en het zelfreinigend vermogen van de rechtsstaat. Volgens Jan de Wit schiet het zelfreinigend vermogen van de rechterlijke macht duidelijk tekort. Daarom bepleit hij dat er buiten de rechterlijke organisatie om een onafhankelijke Raad voor de Rechtszekerheid moet komen. Die kan strafzaken opnieuw onderzoeken als er gerede twijfel is over een onherroepelijk vonnis. Deze Raad zou buiten de rechterlijke macht moeten staan en advies moeten uitbrengen aan de Hoge Raad over de beoogde herziening van een vonnis. Een dergelijke raad bestaat al in Engeland en Noorwegen, en deze heeft er daar toe geleid dat het vertrouwen van de burgers in de rechtsstaat is toegenomen. Dit pleidooi is overigens niet nieuw.

Uit een onderzoek dat TNS NIPO in opdracht van de SP heeft gedaan, bleek dat slechts 34% van de burgers vertrouwen zegt te hebben in de rechtsstaat, 50% heeft niet veel maar ook niet weinig vertrouwen en 15% heeft weinig tot zeer weinig vertrouwen. Deze laatste groep verwijt rechters dat ze te licht straffen en de officieren van justitie dat ze teveel fouten maken. Van de Nederlanders die vinden dat de politie haar werk niet goed doet (9%), zegt bijna een derde dat de politie zich teveel bezighoudt met onbenulligheden. De SP merkt op dat het vertrouwen afneemt en denkt dat deze trend kan worden gekeerd met behulp van een aantal maatregelen.

Ruim vier op de vijf Nederlanders (84%) vindt dat er een onafhankelijke commissie moet komen die afgesloten strafzaken gaat onderzoeken. (Slechts 4% is hier tegen.)

SP-Kamerlid Jan de Wit, opdrachtgever van het onderzoek: “Die onafhankelijke commissie, een Raad voor de Rechtszekerheid, moet er komen. Maar ook moeten rechters voortaan beter worden gecontroleerd. Rechters worden in ons land voor het leven benoemd. Maar wie spreekt een rechter erop aan als hij een apert onzinnig vonnis uitspreekt? Er is geen beroepsgroep die zo ongecontroleerd werkt als de rechterlijke macht. Rechters moeten intern hun onderlinge kritiek gaan organiseren.”

Hoewel de uitnodiging tot deelname openbaar was, werden er velen teleurgesteld. De zaal bood namelijk slechts plaats aan 80 mensen. De organisatie van de dag was evenwichtig: Vier professoren hielden elk een korte inleiding. Na afloop van iedere inleiding mocht een panel van drie deskundigen vragen stellen, waarna er ruimte was voor vragen uit de zaal. De tv-presentator Tijs van den Brink van de Evangelische Omroep leidde de discussie. In de rechten is hij een leek en als zodanig bleef hij vrij neutraal.

De eerste spreker was professor Crombach, emeritus hoogleraar rechtspsychologie o.a. aan de universiteit van Maastricht. Hij uitte vooral kritiek op werkwijze van het Openbaar Ministerie. Het OM heeft volgens hem veel te veel invloed op de rechtsgang. Het OM organiseert en structureert het gerechtelijk vooronderzoek, maar het OM is ook openbare aanklager. Deze dubbelfunctie leidt vaak tot een tunnelvisie als het om verdachten gaat. Het OM bepaalt wat er in het strafdossier zit dat wordt voorgelegd aan de rechter, waarbij soms stukken worden weggelaten die niet passen binnen de tunnelvisie en zouden kunnen leiden tot een vrijspraak. Het OM bepaalt ook in grote mate welke getuigen door de rechter zullen worden gehoord. De advocaat van de verdachte heeft veel minder invloed op de procesgang, dan het OM. Aldus wordt het een ongelijke strijd, van equality of arms is nauwelijks nog sprake.

De tweede spreker, professor Wagenaar, is eveneens rechtspsycholoog. Hij noemde drie voorbeelden uit de praktijk van zotte vonnissen, waaraan iedere logica ontbrak. Als zo’n zot vonnis wordt geveld door het Hof, dan is er geen correctie mogelijk. De Hoge Raad toetst namelijk alleen of de wet op de juiste wijze is toegepast, niet of de redenering van de rechters logisch is. Verontrustend is volgens Wagenaar dat een aantal rechters die ooit zo’n zot vonnis hadden geveld, inmiddels deel uitmaken van de Hoge Raad. Hij pleitte daarom voor het instellen van een vaste herzieningscommissie. Deze commissie zou volgens Wagenaar niet vergaande bevoegdheden moeten krijgen. Hij noemde als voorbeeld de commissie van Vollenhoven, die grote bevoegdheden heeft om veiligheidssituaties te evalueren. Met wat kleine aanpassingen zou de wet die voor deze commissie geldt, ook bruikbaar zijn voor de herzieningscommissie waar hij voor pleit.

Het panel bestond uit drs. Maurice de Hond, de opiniepeiler die zich heeft verdiept in de Deventer moordzaak, professor Ton Derksen, de rechtspsycholoog die zich sterk maakt voor rehabilitatie van Lucia de Berk, en mr. Jan de Wit van de SP. Maurice de Hond deelde ook een rapport (pdf) uit over de vele fouten in de Deventer moordzaak: Als een slager zijn eigen vlees keurt. Op zijn weblog deed hij ’s avonds verslag van het symposium. De vragen van het panel spitsten zich toe, niet op de zogenaamde tunnelvisie, maar op de onbetrouwbaarheid van mensen die werken bij justitie en het feit dat zij bij aantoonbare leugens en manipulaties vrijwel ongestraft blijven, of zelfs promotie maken!

Na de lunch sprak professor Tak, hoogleraar in het staatsrecht in Maastricht. Hij is een van de meest vooraanstaande kenners van het Nederlandse bestuursprocesrecht. Volgens hem is de rechtsbescherming van de burger tegen gedragingen van de overheid in de loop der jaren alleen maar afgenomen, maar in zijn inleiding sprak professor Tak over de maatregelen die zijn genomen naar aanleiding van de gerechtelijke dwaling in de Schiedammer Parkmoord. Hij vond dat het daarmee in het strafrecht de goede kant opging. Toen Maurice de Hond hem wees op de lage straffen voor de frauderende hondenbegeleiders bij de geurproef, meende hij wel dat liegende politieagenten ontlagen zouden moeten worden, net zoals liegende Officieren van Justitie. Daarom zou er ook een cultuurverandering moeten komen binnen justitie.

De laatste spreker was dr. Van Koppen, senior hoofdonderzoeker bij het Nederlands Studiecentrum Criminaliteit en Rechtshandhaving (NSCR) te Leiden, hoogleraar Rechtspsychologie aan de Universiteit Maastricht en hoogleraar Rechtspsychologie aan de Vrije Universiteit Amsterdam. Van Koppen stelde dat het in Nederland nog zo erg niet is met de rechtsstaat. Er zijn landen waar het er veel en veel slechter voorstaat. Vervolgens hield hij een pleidooi voor de naam van de herzieningsraad. Deze zou Revisieraad moeten heten. In Engeland is een dergelijke raad ingesteld naar aanleiding van de gerechtelijke dwaling rond de Birmingham Six, zes mensen die vele jaren onschuldig gevangen zaten. Sindsdien heeft deze raad in Engeland gezorgd voor een veel groter aantal herzieningszaken, die soms ook leidden tot vrijspraken.

Over de noodzaak van een dergelijke Revisieraad binnen het Nederlandse stelsel van strafrecht bleek de zaal het volledig eens. We hopen dat de SP zich hard zal maken voor de instelling van een dergelijk orgaan. Gerechtelijke dwaling is slechts een klein aspect van het gebrek aan vertrouwen in de rechtsstaat. Het gaat daarbij om incidenten, zaken die de aandacht trekken van het grote publiek. Het vertrouwen in de rechtsstaat wordt niet hersteld door een nieuwe Raad, het staat of valt met de integriteit van de mensen binnen het apparaat. Dat aspect bleek echter niet bespreekbaar. Toen ten slotte iemand Demmink noemde, bleek dat de heren hadden afgesproken dat men het dáár niet over zou hebben. Het was tijd voor een drankje, met dank aan de SP, die van de dag een mooi verslag publiceerde, met video!

Ceterum censeo Joris Demmink strafrechtelijk… wordt vervolgd.

Share and Enjoy:
  • NuJIJ
  • Twitter
  • Facebook
  • Hyves
  • RSS
  • email

1 Reactie op “Crisis in de rechtsstaat met vraagteken”

  • Dick:

    Als je niet van fouten wilt leren kost dat levens. Dus waarom achterlijk gedrag vertonen?
    Deze houding komt uit de ( pedro) chemie meen ik.
    Wordt steeds algemener in ARBO zaken.
    Steeds meer terreinen geven aandacht aan incidenten, deze te evalueren, in de weet dat daardoor grotere c.q. zwaardere zaken voorkomen worden.
    Waarom willen rechters en OM blijvend achterlijk doen? Zij hebben toch ook gewoon last van werkdruk? Excuus is er toch?
    Gerechtshoven corrigeren met grote regelmaat rechtbanken, maar als een gerechtshof in de fout gaat, is een oplossing lastig.
    Hoe lang moet dit onrecht blijven?

Recente reacties