Archief voor 15 november, 2008
(illustratie: Huseyin Baybasin)
Wanneer iemand een klacht indient op grond van art. 12 Sv., dan stelt de wet daaraan twee eisen: de klager moet rechtstreeks belanghebbende zijn en de klacht moet kennelijk gegrond zijn. Heeft de klager geen rechtstreeks belang bij de klacht, dan verklaart het hof hem niet ontvankelijk. Naar de argumenten en bewijzen wordt dan verder niet gekeken. De klager had dan immers niet het recht om te klagen. Is de klager wel ontvankelijk, dan bekijkt men de argumenten en de bewijzen. Bestaan deze uit louter flauwe kul, dan wordt de klacht kennelijk ongegrond verklaard. In het Advies van de Advocaat Generaal, mr. L. Ph. den Hollander, wordt dit als volgt verwoord:
Lees verder »